‘We doen veel aannames als het gaat om digitalisering’

Twee huisartsen in onze regio, Marie Annet Vollebregt (links) en Sharon Rico (rechts), zijn in Woerden onlangs een nulpraktijk gestart zónder assistenten. Waarom kozen zij voor deze manier van praktijkvoering? En wat levert het de jonge ondernemers en hun patiënten op? We gaan met ze in gesprek.

Jullie zijn begin april gestart, hoe gaat het zo’n 1,5 maand later?
Marie Annet: Het gaat goed. We willen nog wel groeien in het aantal patiënten, want het aantal inschrijvingen per dag wisselt. We willen graag naar de 3.000 patiënten en we hebben er nu 150. Je merkt toch dat patiënten vaak pas een dokter gaan zoeken als ze er één nodig hebben, dus moeten we ze wat meer activeren. Wij wilden in eerste instantie alleen patiënten zonder huisarts, maar inmiddels komen patiënten van andere huisartsenpraktijken ook naar ons.
Sharon: We hebben nu ook een digitaal inschrijfformulier en we merken dat dat het aantal inschrijvingen hierdoor toeneemt. Daarnaast hebben we kaartjes en folders laten maken. Deze willen we nog in de wijk verspreiden. Én we hebben Facebook en Instagram. Elke maandag plaats ik daar content voor.

Dat klinkt als een goede start. Nog nergens tegenaan gelopen?
Sharon: Nou, waar je tegenaan loopt als nulpraktijk is dat je nu alles bent: Assistent, huishoudelijke hulp, POH en natuurlijk huisarts.
Marie Annet: Je komt zo gaandeweg dingen tegen. Een fiets voor de visites is bijvoorbeeld handig of een koffiezetapparaat en schermen om je achter om te kleden.
Sharon: Als waarnemer heb je natuurlijk eigenlijk alleen maar aan de dokterskant van het bureau gezeten. En al die randzaken die normaal allemaal geregeld worden, moet je nu zelf doen. Dat vind ik wel heel erg leuk hieraan, het is heel leerzaam.

Jullie maken geen gebruik van een inkomende telefoonlijn, met uitzondering voor spoedgevallen, maar van een digitale assistente. Kunnen jullie daar iets meer over vertellen?
Sharon: We hebben uiteraard een spoedlijn en die is zo gekoppeld dat de headset afgaat als ernaar gebeld wordt. Stel dat we allebei visites doen dan schakelen we hem door naar onze mobiele telefoon. Onze patiënten weten dat we met een applicatie werken, daar zijn ze bij inschrijving en ook daarna duidelijk over geïnformeerd. Het werkt eigenlijk als Whatsapp. Patiënten kunnen in hun eigen bewoording berichten sturen over bijv. een klacht. De app stelt vervolgens medische vragen waar de patiënt weer antwoord op geeft. Hiervan komt een samenvatting in goed Nederlands in het patiëntendossier. Dat geeft je alvast de nodige voorinformatie als je de patiënt terugbelt. En wij hebben ook gezegd, wij bellen iedereen in principe terug. Maar je merkt nu al dat het heel vaak eigenlijk niet nodig is.
Marie Annet: Wat we vaak zien is dat we veel aannames doen als het gaat om digitalisering. Van ‘ouderen die kunnen dat niet’. Of artsen in de praktijken die zeggen ‘bij mij in de praktijk zou dat echt niet kunnen’, maar dat vullen we allemaal zelf in.
Sharon: Ja, er zijn bijvoorbeeld heel veel online modules voor patiënten rondom ggz. En ik merk dat patiënten daar best voor open staan. En we hebben meerdere patiënten van boven de 80 jaar die gewoon de digitale assistent gebruiken. Dus tot nu toe zijn de mensen heel positief. Wel mensen die aan het begin zeggen dat ze het een beetje spannend vinden. Dan zeg ik: ‘Nou weet u. Als u zo meteen thuis bent, dan installeert u de app en stuurt u mij een berichtje als test. Dan laat ik weten dat ik het gezien heb’. En dat hebben we nu al een paar keer gedaan.

Waarom hebben jullie voor deze manier van praktijkvoering gekozen?
Marie Annet: We hebben voornamelijk voor deze werkwijze gekozen vanwege de druk op de zorg. Daarnaast is er een doktersassistenten tekort, ik geloof dat er landelijk 700 vacatures uitstaan. Anderzijds zie je dat de nieuwe generatie doktersassistenten graag als zzp’er aan de slag willen. Maar dat betekent dat je eigenlijk geen permanente binding met een praktijk aangaat. En dat heeft veel voordelen voor de doktersassistente, maar niet voor de continuïteit van zorg.
Sharon: Daarnaast geeft het ons persoonlijk veel vrijheid. We zijn geopend van 09.00 uur tot 16.30 uur en de spoedlijn is natuurlijk van 08.00 uur tot 17.00 uur bereikbaar. Dat vind ik echt heerlijk, want nu kan ik zelf de kinderen naar school brengen. Dat kon ik nooit. En we willen het werk ook gewoon leuk houden. En het werk is leuk als de balans tussen die twee goed is.
Marie Annet: Daarnaast ook om meer balans in de agenda te krijgen, zodat we uiteindelijk ook meer tijd kunnen besteden aan direct contact met patiënten. En aan de andere kant ook meer regie over onze eigen agenda. Want dat is toch anders als bijvoorbeeld een doktersassistente jouw agenda deels bepaalt.

Dus voorlopig geen doktersassistente erbij?
Marie Annet: Het ligt er een beetje aan, want we willen niet iemand in de solo functie aannemen. Dus het kan best zijn dat we niet zozeer die assistent sneller nodig hebben, maar misschien toch de POH of iemand die administratief ondersteunt. En daarin willen we een nieuwe collega ook vrijlaten. Dus een primaire functie met daarnaast de mogelijkheid om de functie uit te breiden binnen zijn of haar interessegebied. Want dan kun je personeel ook langer aan je binden.
Sharon: Ja, en misschien heeft iemand juist leuke ideeën die voor de praktijk heel waardevol zijn. Zo kun je met elkaar samen bouwen aan een prettige huisartsenpraktijk.
Marie Annet: En de applicatie zorgt ook dat we geen directe assistente aan de telefoon hoeven te hebben. We gaan in de toekomst vast wel doktersassistenten aannemen, maar dus niet als telefoniste. Hierdoor kunnen zij uiteindelijk dingen doen die ze leuk vinden met eventuele uitbreidingen van neventaken.
Sharon: Als we straks 3.000 patiënten hebben dan is het natuurlijk niet haalbaar om als huisarts alle chatberichten te beantwoorden. Veel kan ook door een assistente of physician assistant opgepakt worden, denk aan herhaalmedicatie, afspraken voor oren uitspuiten, wrattenspreekuur, enzovoorts. Maar hierdoor kunnen wij als huisarts het merendeel direct met de patiënt oplossen, dat scheelt ook tijd.

Jullie praktijk bevindt zich in het St. Antonius Ziekenhuis in Woerden. Hoe is dat?
Sharon: Voor ons is het heel erg leuk dat de specialisten natuurlijk dichtbij zitten. Daar moeten we nog wel een beetje mee gaan kennismaken. En wat ik nu vooral al heel erg merk is dat de lijntjes heel erg kort zijn met bijvoorbeeld het laboratorium en de paramedici. Patiënten ervaren het ook als waardevol, voor hen voelen de lijntjes kort. Daarnaast zit de fysio hier en een apotheek waar we in geval van nood gebruik van kunnen maken.
Marie Annet: Het is wel heel gemoedelijk hier. Het lijkt op een klein dorp. En uiteindelijk willen we ook met het ziekenhuis gaan kijken of we 1,5 lijnszorg op kunnen zetten.
Sharon: Precies, maar daar moeten we gewoon wat groter voor zijn.

Als laatste, wat zouden jullie andere praktijken willen meegeven die misschien met een digitale assistent aan de slag willen?
Marie Annet: Ik ben dan van mening dat je dit soort systematiek cold turkey moet doen. Dat is de eerste vier weken heel zwaar, maar daarna loopt het op rolletjes. Als je twee systemen naast elkaar laat bestaan, dus zowel een digitale assistent als een telefonische assistente, dan krijg je dit veel moeilijker voor elkaar.
Sharon: Dat heeft één van de ontwikkelaars van deze app wel gedaan. Die heeft uiteindelijk na 3 jaar 75% minder telefoontjes dan dat hij daarvoor had. Maar hij zegt ook: ‘ik kan niet gemakkelijk meer over op zo’n situatie waarin jullie zitten omdat ik dat niet direct in het begin heb gedaan’.
Marie Annet: Ja, dan moet je eigenlijk je personeel zo inregelen dat je de eerste 4 weken extra back-up hulp hebt, want dat gaan de taaie weken worden. Dan begrijpen mensen het nog niet en moet je klaarstaan om mensen te helpen met het installeren van de app, maar daarna werkt het.

Continuïteit huisartsenzorg

Marie Annet en Sharon hebben als startende praktijkhouders begeleiding ontvangen van Kim Schoenmakers, projectleider Continuïteit Huisartsenzorg. Voor hen is het fijn dat er een organisatie met je meedenkt. Zo faciliteren wij bijvoorbeeld in de gesprekken met de zorgverzekeraar.

In onze regio zullen binnenkort uitdagingen ontstaan met betrekking tot de continuïteit van de huisartsenzorg. Op verzoek van de ALV van ZorgNU heeft RegiozorgNU de taak gekregen om praktijkhouders te ondersteunen en oplossingen te bieden. Dit betekent onder andere dat wij waarnemers ondersteunen bij hun transitie naar praktijkhouder of begeleiding bieden als het gaat om praktijkopvolging.

Ga naar de pagina voor meer informatie. Heb je vragen of wil je een adviesgesprek? Neem dan contact op met Kim Schoenmakers.