Nieuw: regionale afspraken Atriumfibrilleren (AF)
Atriumfibrilleren (AF), ook wel boezemfibrilleren genoemd, is de meest voorkomende hartritmestoornis. Het aantal patiënten met AF neemt toe. Om de kwaliteit en doelmatigheid van deze zorg te waarborgen, is goede afstemming nodig.
Daarom zijn regionale transmurale afspraken (RTA) gemaakt. Hiermee hebben we in Midden-Nederland een uniforme werkwijze en is voor alle betrokken zorgverleners duidelijk wie waarvoor verantwoordelijk is.
Waar liepen we tegen aan
Huisartsen en zorgprofessionals merkten:
- Onduidelijkheid wie wanneer waarvoor verantwoordelijk is en de regie heeft. Met name het proces rondom nierfunctie, medicatie en monitoring was niet altijd duidelijk.
- Een verschil in beleid en verwijzing, met name in antistolling, ritme- en frequentiecontrole en indicaties voor verwijzing.
- Dat documenten ontbreken bij verwijzing en overdracht van eerste naar tweede lijn.
Patiënten gaven aan dat het niet altijd duidelijk was met wie zij contact kunnen opnemen bij vragen of klachten.
Belangrijkste afspraken
- De regiebehandelaar (huisarts of cardioloog) is ook regiebehandelaar voor de relevante comorbiditeit.
- De behandelend arts die de medicatie voorschrijft, is verantwoordelijk voor het herhalen van recepten en voor de controle van de nierfunctie.
- Bij verwijzing en overdracht worden de ECG-gegevens waarop AF is vastgesteld, meegestuurd.
- Bij vragen of klachten over AF neemt de patiënt contact op met de regiebehandelaar.
Wat levert dit op?
Met deze afspraken zorgen we voor:
- Duidelijke verantwoordelijkheden tussen eerste en tweede lijn.
- Een betere samenwerking en informatieoverdracht.
- Meer uniformiteit in de zorg voor patiënten met atriumfibrilleren.
- Eenduidige afspraken in de regio, waardoor patiënten sneller de juiste zorg op de juiste plek krijgen en de samenwerking tussen eerste, tweede en deerde lijn verbetert.
Wat vragen we van jou?
- Bekijk de RTA en de flyer op Atriumfibrilleren (AF) – RSO Trijn. Hier zie je per functie welke wijzigingen en verbeteringen zijn doorgevoerd.
- Bespreek de RTA in je team of vraag of deze kan worden besproken.
- Controleer of jullie werkwijze klopt en pas deze waar nodig aan. Met extra aandacht voor:
- Verwijzing: Microsoft Word – stroomschema AF – verwijzen en behandelen en gegevensoverdracht. Stuur bij verwijzing naar tweede lijn bijhorende aanvullende documenten mee in Zorgdomein. Let op de verwijsprocedure bij verwijzing bij co-morbiditeit.
- Neem bij labdiagnostiek ook de leverwaarden mee.
- Behandelverantwoordelijkheid: check wie regiebehandelaar is bij atriumfibrilleren en wat de rol van regiebehandelaar is bij comorbiditeiten.
- Regiefunctie en medicatiebeleid: check wie in welke situatie verantwoordelijk is voor: controleren van nierfunctie, herhalen van recepten en het vermelden van nierfunctie, relevante labwaarden en indicatie op het recept.
- Voorlichting aan de patiënt en contactafspraken: doe dit samen met de patiënt (shared decision making):
- Regiebehandelaar heeft gesprek met patiënt over AF, de behandeling en leefregels.
- Heeft de patiënt vragen of klachten rondom AF, dan neemt hij/zij contact op met eigen regiebehandelaar (huisarts of cardioloog): RTA AF; patiënt info; wie te bellen.
Samen zorgen we voor goede zorg op het juiste moment voor patiënten met atriumfibrilleren.
